Chemin 10
Ho, ho, voordat ik een verkeerde indruk wek, het is beslist niet altijd haleluja op de camino. Vandaag heeft Jacobus de gaskraan nog wat verder opengedraaid en het kwik stijgt tot 34 gr zei de bakker vanmorgen. Kristin kijkt me geschrokken aan. Het is al 9.30 uur. Het leek een bewolkte dag te worden, niets is minder waar dus. Met 2 liter water en eten voor onderweg (er is niets te koop tot het eindpunt La Romieu vandaag), is mijn beste vriend topzwaar. Geen zuchtje wind, het zweet loopt in straaltjes naar beneden en dat om 11.00 uur al. Net voor vertrek bij Esther destijds in Gréalou, drapeerde ze een lap stof onder mijn zonneklep, ik ben zielsgelukkig met een lapje van haar oude nachtjapon en het doet uitstekend dienst om het zweet mee af te vegen en de muggen de verjagen. Iedereen die ik ontmoet heeft het zwaar.
Francis uit Parijs was op de hoogte; wij moesten het eerste stuk over de weg om een zwerm muggen te vermijden. Kristin en ik zijn blij dat wij hem deze ochtend bij de bakker getroffen hebben. Goed, dat punt waren we voorbij en nu verder, de route gaat het bos in. 'Terug', roept Francis achter me. Ikloop regelrecht in een enorme zwerm muggen en heb niets in de gaten en wordt in één minuut helemaal lekgestoken. s'Avonds zijn mijn benen dik en keihard van alle bulten.Er is vandaag weinig schaduw en de 20 km van vandaag voelen aan als 40.
Ik zie dagelijks veel pijnlijke voeten, vol blaren, bloed en erger. Strompelend leggen sommigen de kilometers af. In Moissac kreeg ik een telefoontje van Jean-Marie, mijn wandelmaat op de Aubrac. Hij lag 4 etappes op me voor maar is nu thuis in Orléans. Door een 'fracture de fatigue' kon hij geen pas meer verzetten. Moest zelfs naar het ziekenhuis en daar kreeg hij te horen dat hij minstens 2 maanden moet rusten. Einde camino. Het is zomaar afgelopen.
De camino; de weg dwingt je je grenzen te bewaken. Dat is niet altijd gemakkelijk. Ook niet voor madame Vervoort....
Morgen is onweer en regen voorspeld. De kleine hittegolf is wellicht voorbij. Gracias Santiago !
Chemin 9 Miradoux - Lectoure (Gers)
Voor de 3e dag op rij tracteert Jacobus zijn pelgrims op een hete dag. Gisteren toen ik Miradoux binnenliep gaf de teller van de pharmacie 32 graden aan. Gelukkig is er wat wind. Ik heb onverwacht goed geslapen in het smoezelige huisje van Thérèse. Veel pelgrims slapen hier goed, zo zegt Thérèse, dit huis heeft een bijzonder goede energie. Voor wat het waard is denk ik stilletjes. Ze heeft een groot hart, het ontbreekt haar gasten aan niets, alleen aan wat hygiëne. Haar karkas zoals de 81 jarige zelf zegt, werkt niet meer zo goed mee maar haar mondje rebbelt nog voor tien. Ik vetrek en na 5 minuten moet ik terug; stokken vergeten. Niemand meer te zien in huis. Vrolijk begin ik aan een nieuwe dag en neurie zachtjes het Jacobuslied dat we met z'n allen zongen aan het ontbijt. Thérèse zelf zong het hoogste lied.
Na anderhalf uur lopen daal ik de heuvel af kom in het volgende dorpje, Castet Arrouy. Verdorie, flitst het door me heen, jas en fleece vergeten. Geen wonder dat mijn rugzak lichter voelde. Dit wordt een echte off-day ! Gelukkig is het gehucht een cafeetje rijk en ik vraag de waard of ik mag bellen. Ja, hij kent Thérèse en trekt zijn wenkbrauwen op. Hij belt voor mij en hoera, Thérèse komt mijn spullen brengen. Het wordt me duidelijk, de waard en Thérèse zijn in het verleden vaker met elkaar in botsing geweest.
De kerk tegenover het café is Thérèse's favoriet; achter het altaar heerst een bijzondere positieve energie. We gaan de kerk in en Thérèse gaat wijdbeens met open armen onder een beeld staan en zuigt de energie naar binnen. Daarna loopt ze blootvoets achter het altaar en ik volg haar op kousenvoeten. Inmiddels hebben we gezelschap van twee Deense dames die afgelopen nacht ook bij Thérèse doorbrachten. Zij lijken onder de indruk van Thérèses ceremonie. Luidkeels begint ze te zingen. Ik moet toegeven, de kerk bezit een bijzondere akoestiek. Na een hartelijk afscheid ga ik verder.
Nog geen 10 minuten later blijft mijn stok in een afvoerputje steken. Ik wil hem eruit trekken en verdorie, de dop valt in het gemeentelijke afvoerputje. Het rooster zit muurvast. Dit is balen want van het getik van die stokken wordt je niet echt vrolijk. Schuin aan de overkant van de straat zie ik een huis én een man. 'Meneer, kunt u me helpen misschien ?' De breedgeschouderde man kijkt een beetje vreemd op maar loopt met me mee. Ondanks zijn spierballen krijgt hij geen beweging in het rooster. Tja, hij weet het ook niet hoe dat ding eruit te krijgen. Heeft u een open haard misschien ? Die heeft ie, welnu, dan wellicht ook een pook ? En ja hoor, daar komt Meneer Openhaardpook aan met twee grote tangen. In no time heb ik mijn geliefde dop weer terug. Ik omarm meneer Openhaardpook van harte voor zijn goede werk en ja, een fotootje van mijn reddende engel mag ik ook nog maken.
Op datzelfde moment komen twee fietsers gestaag trappend de heuvel op. Koga Myata's. Dat kan niet missen en ik roep: ha Hollanders. Blij verrast keren ze om. De ontmoeting wordt nog leuker als weldra blijkt dat het vader en zoon Nellen zijn en nog wel uit Sevenum. Voor het eerst in weken kan ik Nederlands praten en nog wel in in mijn eigen dialect. Vader fietste al een keer naar Santiago én naar Rome. Jawel, het bekende virus heeft hem ook te pakken.
De tocht gaat verder en in het volgende gehucht staat de gele auto van La Poste midden op de weg. Iedere dag kom ik de post wel ergens tegen. Onlangs had ik gelezen dat Tante Pos en haar werknemers veel lijden onder alle veranderingen van onze moderne tijd. La Poste is een begrip in Frankrijk, een monument, La Poste voelt voor Fransen net zo vertrouwd als de familie. Laat ik deze postbode een vragen hoe het er nu precies voorstaat allemaal. Brigitte (10 jr werkzaam bij La Poste) legt me alles in geuren en kleuren uit. Het is duidelijk, de lol gaat er helemaal af. En ook; hoe met het straks met al die eenzame oude mensen op het platteland voor wie de postbode vaker het enige contact van de dag is ?
Hoezo dit wordt een off-day ?
Chemin 8 - de Fransen
'Waar komt u vandaan ?' (Een Fransman zal je altijd eerst met u aanspreken,endat pleit voor ze,vind ik). Maar zodra het gesprek vordert is het snel 'jij' op de camino.
'Kijk maar naar de vlag achter op mijn rugzak', is mijn standaard antwoord. De reacties variëren van Luxemburg (dat snap ik nog) tot een keer zelfs IJsland en vaak 'ik weet het niet'. Vervolgens hoor ik dan: 'welke taal spreken ze eigenlijkin La Hollande ?' Het noorden van Europa is voor veel Fransen onbekend terrein zo ondervind ik hier aan den lijve. Hollandis voor een groot aantalFransen toch: tulpen, molens, drugs en de wallen.
Wil je een geanimeerd gesprek met Fransen dan heb ik de volgende tip. Vraag gewoon voor de vuist weg: hoe staat het er momenteel politiek gezien voor bij jullie hier?' Succes verzekerd. Iedere Fransman heeft zo zijn eigen mening en gepassioneerd maakt hij jedaarvan deelgenoot. Nòg beter is een groep Fransen, een kakafonie van uitdrukkingen krijg je over je heen, héél goed voor je Frans.
Niemand heb ik nog positief over 'Sarko' gehoord. Nee; hij krijgt ook niets voor elkaar, zo hoor ik steevast. Gesoebat, achterkamertjespolitiek en politiek gekonkel, dàt is onze huidige politiek. Op mijn vraag 'wie dan' volgt steevast een korte stilte gevolgd door 'we hebben niemand, niemand met lef en visie'. Ik troost ze dan maar wat door te zeggen dat 't in Nederland momenteel niet veel beter is.Samen komen we meestal tot de conclusie dat de EU voor grote uitdagingen staat en dat bepaalde zaken Europees aangepakt moeten worden.
Overigens, Peter had mijn volmacht voor de a.s.verkiezingen opgestuurd.Voor de eerste keer in onze gemeenschappelijke historie mag hij voor mij stemmen en ik zeg je eerlijk; hij magstemmen op wie hij wil, ik weet het ook niet meer. Ik beneven weg, weg van politieke debatten, elkaars vliegen afvangen, polls en wat dies meer zij. Geen krant; geen radio, geen informatie. En het is heerlijk !
Chemin 7 -Moissac
Moissac is een bekende plaats op de route naar Santiago dankzij haar romaanse basiliek uit de 12e eeuw dieop de Unesco werelderfgoedlijst is geplaatst. Godzijdank was er midden 19e eeuw een actiegroep die heeft kunnen voorkomen dat de basiliek afgebroken zou worden om plaats te maken voor de spoorlijn Bordeaux-Sète. Nu dendert de TGV er rakelings voorbij en heeft Moissac geluk want het monument trekt veel toeristen en pelgrims en brengt dus nog steeds geld in het laadje.
Moissac ligt ook aan de voet van een hoge heuvel. Bovenop die heuvel staat een lief huisje: La petite Lumière, de gîte van Anne. Anne daarentegen is een 'groot licht', een prachtig mens. Kaliber Esther in Gréalou. Voordat ik in 2008 als hospitalière naar de zusters in Moissac vertrok had ik haar en haar verhaal via internet gevonden. Op haar site las ik hoe het allemaal zo gekomen was met La petite lumière en ik was vastbesloten kennis met haar te maken. En aldus geschiedde. (Interesse in haar verhaal;www.lapetitelumière.org).
Ik ga onaangekondigd naar haar toe (dat is overigens wel een hele klim) en bel aan. Ze herkent me meteen, het weerzien is bijzonder hartelijk. Ze laat alles uit haar handen vallen en stelt voor een lekkere lunch te maken. Daar zeg je geen nee tegen want haar kookkunsten zijn uitstekend. Ik veeg ondertussen haar stoep en terras. We kletsen wat af, over de camino natuurlijk, de drukte die ze had, de pelgrims en'mijn' zusters die zij ook goed kent. Ik doe haar de groeten van Corine la pèlerine en Esther in Gréalou.Vervolgens geeft ze me nog een aantal overnachtingsadressen die volgens haar ook de moeite waard zijn.Ze tekent er hartjes bij, dat beloofd dus nog wat.
Anne is een goede masseuse en wanneer ik vraag naar voeten en enkels te kijken lig ik twee tellen later op haar massagetafel. Een heerlijke voetmassage is mijn deel en ook krijg ik nog de nodige tips.
Anne, een prachtig mens boven op de heuvel onder het wakend oog van het immens grote Mariabeeld en met een prachtig uitzicht over Moissac. Een aanrader. Traditiegetrouw houdt ze vertrekkende gasten haar mandje voor om er een opgerold briefje uit te nemen. Ik trek: 'bénédiction' (zegening). En zo voel ik me ook, gezegend, en écht; ik hallucineer niet.
Chemin 6 Figeac - Gréalou
Tijdens de middag pauze passeert een groepje van zes die ik al vaker ontmoet heb onderweg, Ik pak me weer op, ga de bocht om en jawel.........daar staat de Berlingo én Régine ! Ik steek mijn dik ingepakte wijsvinger op en ze roept; 'Mais non, la Hollandaise ! Dat was nou het groepje van mijn' zus, zegt ze.
Om half 4 kom ik aan bij mijn overnachtingsadres: Atelier des volets bleus (het atelier met de blauwe luiken). Het ziet er leuk en tegelijktijd ook grappig uit. Op het bankje voor het huis heeft zich al een echtpaar geïnstalleerd, zij logeren hier ook, Dan en Anne uit Canada. Het blijken schatten van mensen te zijn. Dit jaar lopen ze het Franse stuk, vorig jaar hebben ze het Spaanse stuk gedaam. Ik moet me melden bij de buren want de baas is er niet vandaag. En zo maak ik kennis met Joël, een lieve, rustige jongen die de honneurs waarneemt.
We betreden de woning. In één woord; geweldig! Kon zo uit een woonblad komen. Esther, de eigenaresse, is kunstenares en dat is te zien. Alle kleuren van de regenboog heeft ze gebruikt en ontelbare kleine spulletjes en handige dingetjes hebben met veel gevoel voor smaak en styling een plekje gekregen. Dit huis heeft een ziel, hetvoelt weldadig aan.
En dan rond 17.30 uur komt Esther toch even kijken. Esther, 58 jaar; druk, levendig, lachen, gewoon een lekker gek mens. 'Sorry jongens, ik heb even geen tijd, maar jullie vinden het wel hè ?' En zo staan we met z'n vijvenom 19.00 uur in Esther's huis te koken en we doen of we thuis zijn, want dat was haar voorwaarde. Om 19.30 uur komt er nog een jong stel uit Lyon binnenlopen, ja hoor, zeiden we in koor, jullie kunnen ook blijven, we snijden nog wel wat groenten bij. Het werd een hele leuke avond. Morgenvroeg om 8 uur is het ontbijt, dan komt Esther zelf, zozei ze.
Na eindelijk een goede nacht geslapen te hebben (en iedereen deze keer zo blijkt)zijn werond 8.30 uur klaar voor vertrek. Esther pakt de accordeon een speelt een deuntje voor het huis als afscheid van haar gasten: 'Ik heb helemaal geen zin om te vertrekken' laat ik me ontvallen. 'Dan blijf je toch lekker hier', zegt Esther. Ik zeg meteen 'ja'. 'Weet je', vervolgt ze, 'ik ben helemaal aan de pin, moet met mijn zoon weg en vandaag wil ik geen gasten. Als je Joël meehelpt en je schenkt nog 's een glaasje voor een dorstige pelgrim die hier binnenvalt, vind ik alles goed en blijf nog maar lekker gratis logeren komende nacht'. Doe maar of je hospitalera bent en zeg maar dat je volgeboekt bent dan heb je lekker het rijk voor jezelf. Ohja, hier hangt de sleutel van de kerk.Die komen pelgrims wel eens vragen'........Het is te mooi om waar te zijn.
En zo zit ik hier in Gréalou onder de parasol op een bankje voor het lieve huisje met de blauwe luiken. Gréalou; nog geen stipje op de kaart; een kerk met een typisch Frans pleintje met hoge lindebomen, een schooltje en wat huizen, amper 250 inwoners. Met de auto zou je er zo aanvoorbij rijden maar als pelgrim lopend over de GR65 zie je dit allemaal wél.
Vandaag is mijn eerste vrije dag. Ik voel me een echte geluksvogel !
Chemin 5 St.Roch - Figeac (dept Lot)
Tja, en zo verliet is s'morgens Corine la pèlerine onder een stralend zonnetje. Ik ga richting Figeac alwaar ik bij de zusters wil slapen. Reserveren is daar niet mogelijk dus wil ik niet te laat aankomen. Het is een vrij lange etappe en ik zal het eerlijk zeggen; ik wil een stuk liften. Na 5 km kom ik op een kruising en bestudeer de borden om te zien wanneer en waar ik dat het beste kan doen. Er staat een autoen de mevrouw vraagt of ik de GR zoek. Ook tegen haar ben ik eerlijk en vertel van mijn plannen. Régine; 60 jaar, in de vut, boerin van beroep maar heeft haar veestapel verkocht en daarvan kan ze op bescheiden wijze prima leven. Ik breng je wel naar Figeac, ik heb toch niks te doen, ik ben nl. de begeleidingsauto van een lopersgroep en hang hier tussendoor lekker de toerist uit. Lopen kanik niet goed want ik lijdt al jaren ernstig aansuikerziekte. Ik stap in in haar Berlingo; zelden zo'n chaos in een auto gezien ! Maar Régine vindt het wat leuk dat ze gezelschap heeft en de enige voorwaarde is dat we onderweg stoppen om foto's te maken want dat is haar grote hobby. We stoppen op punten dat ik denk wat voor een foto ga je hier nu maken. Maar toch, Régine heeft oog voor detail en en passant vertelt ze me alles over de boerderij die ze had de soorten daken die hier anders zijn dan bij haar thuis, vlakbij Béziers.
Om 11.30 uur sta ik al op de stoep bij de zusters. Dat is veel te vroeg en elk voordeel heeft zijn nadeel en zo kan ik Figeac nog bekijken, een mooie oude middelgrote plaats. In 2005 zijn Peter en ik hier te voet vertrokken om naar Moissac te lopen. Op een bankje in het parkje voor het klooster zit ik mijnstokbroodje te eten en zie daar................daar komt Marie-Luce aanlopen met wie ik, samen met Jean-Michel de koude dagen over de Aubrac heb doorgebracht. Marie-Luce is een aardige meid maar wat zwaar op hand, ze heeft wat persoonlijke zaken op te lossen. Dat wil ik haar liever zelf laten doen. Bovendien heeft ze veel last van blessures en moet ze kleine etappes gaan lopen. Om half drie opent hospitalière Monique uit Annecy de deur. Een hartelijke ontvangst is ons deel. Het wordt een ontzettend gezellig verblijf. We zijn met 10 personen (ze hebben maar 7 plaatsen) dus het was wel inschuiven. Met z'n allen maken we het avondeten klaar, ik haal nog een stevige doos met ijs, José uit Brazilie zorgt voor de wijn en tot zelfs 22.00 uur (en dat is laat voor pelgrims) kleppen we nog na.Zes nationaliteiten rond de keukentafel; dat is de camino op zijnmooist !
Chemin 4 (Conques - St.Roch (na Décazeville)
Conques, zoals gezegd een MUST. Google zelf maar als je meer wilt weten. Het was druk, té druk eigenlijk. In de eetzaal s'avonds waren we wel met 100 personen. Na de completen, de humoristische uitleg van het prachtige timpaan door een van de broeders en het orgelconcert zit ik nog even op het pleintje voor de kathedraal met Elly, een van de Duitse Istanbul dames. Onlangs heefteen vriendin zich bij hen gevoegd,Gertrud uit Rotweil. Sindsdien loopt het niet meer zo lekker. Ik hoor het lijdzaam aan. Met Elly zou ik kunnen lopen, het is eenbijzondere meid. Overigens, in het schijnsel van de straatlantarens heeft Conques 100 procent het Anton Pieck- of Efteling gehalte. Zeg 't maar.
s'Morgens ontbijt ik met mijn Franse vrienden. Voor hen is Conques dit jaar het einde van de camino. Ik ga alleen verder. Het is er niet meer van gekomen afscheid van elkaar te nemen en dat isbeter zo. Om 8 uur vertrek ik met het mooiste weer. Jacobus tracteert zijn pelgrims op een lekkere kuitenbijter. Stijl omhoog gaat het naar de kapel van de Sainte Foy, de beschermvrouwe van Conques. Bij aankomst mag je de klok luiden! In de schatkamer van Conques liggen haar relieken. De meningen lopen uiteen of ze gekregen dan wel gestolen zijn van de stad Agen. In ieder geval is Conques er al jaren goed mee en brengt het geld in het laadje.
Op een splitsing vraag ik 2 heren welke kant de route opgaat. In het Engels antwoorden ze dat ze geenFrans spreken en dat ze uit Nederland komen. 'Jij komt uit het zuiden', zegt een van beiden, 'en jij uit N-Holland volgens mij', antwoord ik. Theo en Anne, twee stoere knapen uit Hensbroek, helemaal vanuit N-Holland tot hier gelopen, meer dan 1000 km. Niet te geloven, maar hij is de collega van de man van mijn vriendin Wilma. Was ik een half uur later vertrokken dan zou ik ze nooit ontmoet hebben. Bestaat toeval of niet? Nee, zo is mij meermaals op het hart gedrukt, dit is nu typisch de camino !
Mijn beste vriend was ie, mijn rugzak, maar vandaag met wel 27 graden even niet. Hij lijkt wel 2x zo zwaar. Dat beloofd nog wat. Ikga bijna terug verlangen naar de kou op de Aubrac. In enkele dagen 1000 mtr gedaald en 20 graden temperatuurverschil.
Als ik de berg afkom bij Décazeville zie ik beneden het ziekenhuis liggen. Het lijkt me een goed plan eens een deskundige naar mijn vinger te laten kijken. Ik heb ervaring met Franse ziekenhuizen opgebouwd en dus loop ik linea recta de urgences (eerste hulp) binnen. Een allervriendelijkste verpleegster helpt me meteen en ik word gerustgesteld. Mijn vinger wordtnog eens flink ontsmet en ze draait er wel 2 mtr verband omheen. Als reserve krijg ik nog een rol verband mee. Betalen ? Nee hoor, pelgrims hoeven niet te betalen. Als dank vraag ik of ze met mij en mijn deskundig ingepakte vinger op de foto wil. Dat wil ze wel. Ik pluk een meneer uit de wachtkamer. De verkeerde bleek achteraf; blind aan één oog en nooit een digitale camera in handen gehad. Eind goed, alles goed, na 5 popingen lukte het toch. Hij was helemaal trots op zijn prestatie.
Op naar Corinne la Pélerine. Dat beloofd veel goeds..........en het is heel goed zo blijkt als ik aankom. Zelf is ze naar Santiago én naar Rome gelopen (en nu is Jeruzalem aan de beurt) en weet ze precieswat een pelgrim nodig heeft. Ik krijg meteen een teil met ijskoud water om de opgezwollen voeten te koelen. Ze heeft haar huisje prachtig en zeer creatief ingericht met allemaal oude spulletjes. Het ademt sfeer.
Ze is van de bio, bio. Haar wc is bewonderenswaardig. Een echte ouderwetse poepdoos. Een schep zaagselzorgt ervoor dat je niets ruikt.. Het is écht zo,ik heb het uitgeprobeerd.
En nu zit ik hier te schrijven, in de zon, op de trappen van de St Roch kerk in 't piepkleine dorpSt. Roch (20 inw), tegenover haar huis. Vanuit de kerk klinkt muziek. Groot op de muur van haar woonkamer staat geschreven: Ici et Maintentant - Hier en Nu. En dit is zo'n moment.
Morgen hoop ik Figeac aan te komen.
Chemin 3 - Espeyrac - Conques
Vandaag is zo'n dag. Alles is perfect.Sympathiek overnachtingsadres gehad (ik sliep alleen in een caravan) enom 7.00 uur is het al prachtig weer. Bovendien gaat de reis vandaag naar Conques, een plaats en overnachtingsadres waar ik al lang naar heb uitgekeken.
Ik loop alleen. Om half tienvoor het eerst in t-shirt, de fleece en de jaskunnen in de rugzak blijven. De boer heeft het druk. Overal ruikt het naar vers gemaaid gras,het landschap laat zich van haar mooiste kant zien, de vogels zingenhun hoogste lied, geen auto te bekennen. La douce France op zijn best zeg maar. In het eerste dorp al ontmoet ik mijn Franse vrienden. We drinken samen koffie. Daarna gaan zij verder en ik wacht nog even.
Een uurtje verder, de bocht om en ja hoor, ik kom midden in een schoolgroep terecht, 54 leerlingen van de 6ème (groep 8) lopen de laatste 10 km naar Conques. Ze zijn 3 dagen op retraite als voorbereiding op de H.Communie. Als pelgrim en ook nog buitenlandse, ben ik eeninteressant object. De eerste vraag van Benjamin luidt: 'Wat zijn uw motieven om op pelgrimstocht te gaan ?' Kom daar maar eens om in Nederland. 'Wat denk je', is mijnwedervraag en ik benverrast over alle antwoorden die ze geven. Deleukste is wel die van Benjamin; 'u gaat misschien ook wel voor de aflaat, wantals u de tocht volbrengt zijn al uw zonden u vergeven'. Hoe mooi kan het leven zijn ! Ik zet ze op de foto die schatjes, zij houden pauze en ik loop door.
Tja, toch iets te vroeg gejuicht. Bob in Weert die me een, overigens zeer bruikbaar, Zwitsers mesheeft verkocht, had me gewaarschuwd; het mes is zoo goed, je gaat jezeker een keer in je vingers snijden. Gelukkig verkocht hij mij tegelijktijd ook een goed EHBO-setje, daar maak ik dankbaar gebruik van. Ik hoop dat het mee gaat vallen, het is best een flinke snee.
En nu ben ik in Conques, eengeweldig mooieparel op de route naar Santiago.Met Peter was ik hier in 2005 met de auto om een credencial te halen. Nuis hetécht.
Bij aankomst ontmoet ik diverse mensen die ik dagen niet meer had gezien. Samen met mijn Franse vrienden drinken we een lekkere pint tegenover de prachtige kathedraal. Voor hen washet vandaagook de laatste etappe. Paul, de leraar, hij kan het niet laten en geeft in geuren enkleuren uitleg over de prachtige timpaan.
Ik heb een eigen kamer in het klooster geboekt met handdoek, lakens, diner en ontbijt ! Grote luxe dus.
Voor nogal wat mensen is dit na zo'n 200 km het eindpunt van hun wandeltocht vanf Le Puy. Ik hoop dat het nu rustiger wordt op de camino.
Op Conques zelf kom ik nog terug, ik ga er nu van genieten. De avond hier schijnt geweldig te zijn.
Het is ontzettend leuk en doet goed al jullie reacties te lezen. Dank daarvoor !
ps: mijn plastic badmuts ben ik al op dag 3 kwijt geraakt !